Begeleiding voor professionals die hun professionaliteit willen onderzoeken.
De Rolwissel biedt zowel individuele als groepssupervisie

Supervisie is een vorm van leerbegeleiding, die gericht is op leren-leren over werk. De werkervaring van de supervisant speelt hierin een centrale rol en er is een bepaalde koppeling tussen werk en leren. Leren gebeurt op basis van reflectie. De supervisie richt zich op zelfsturend leren. De supervisant leert op integratieve wijze te functioneren. Na de supervisie is de supervisant in staat om op basis van zelfsturing verder te leren van zijn werkervaringen (Siegers, 2002).

Supervisie is gericht op het persoonlijke leren van een beroep
in een specifieke werksituatie.

Groepssupervisie heeft als doel

Professionals die tools willen verkennen en eigen maken op een respectvolle, zinvolle, actieve en creatieve wijze hun eigen en elkaars werkwijze willen onderzoeken. Via simpele opstellingen kunnen ze sneller met elkaar in contact komen én een verdieping van het thema, de leervraag.

Doelgroep

Voor alle professionals die hun eigen werkwijze kritisch willen onderzoeken.

  • psychologen
  • bedrijfs-maatschappelijk werkers
  • leerkrachten/docenten
  • dramatherapeuten

Supervisie bij De Rolwissel

Door de methode psychodrama is ervaringsgericht, waardoor er óók aandacht is voor het non-verbale gedrag = lichaamstaal.
Het grootste deel van onze communicatie verloopt via lichaamstaal (85%!)

In ons non-verbale gedrag tonen we emotionele reacties waarover we nauwelijks controle hebben. Hierdoor is het moeilijk om non-verbaal gedrag in gesprek onder de aandacht te brengen. Er speelt dan vaak schaamte mee. Schaamte is in staat andere emoties te temperen, af te remmen of te blokkeren. Schaamte is het mechanisme in een persoon, dat de communicatie met een ander reguleert en kan verbreken (Baneke, 2009). Het gevoeliger worden voor non-verbale communicatie is daarmee een ingewikkeld proces om verbaal te begeleiden in supervisie.
Wanneer de supervisant meer contact krijgt met het eigen lichaam, kan hij zichzelf beter aanvoelen in relatie tot de ander of in relatie tot de context. Dit sluit aan bij de visie van Banning, die veronderstelt dat datgene wat raakt, bijna niet in woorden te vatten is. Dit terwijl bij spanningsgerelateerde vragen juist datgene wat raakt aan de orde zou moeten komen.
Wanneer een supervisor doelbewust ervaringsgerichte interventies en activiteiten toepast in supervisie, kan de supervisant experimenteren met ervaren en daarmee zichzelf en de context beter leren aanvoelen. Hierdoor leert hij anders te handelen en blijvend te leren aan nieuwe ervaringen.
Het is daarom van belang dat er binnen de supervisie tijd en speelruimte gecreëerd wordt om ervaringsgericht te werken. Om activiteiten zinvol te laten zijn, is een aantal factoren van belang, namelijk: het hanteren van de grondstructuur, zicht hebben op de leercirkel en zodanig begeleiden dat de er sprake is van transfer. Transfer vindt plaats van non-verbaal naar taal en van leerervaring naar werkervaring.